© Henk Schrik / april 2001/ © foto's: Henk Schrik
[Randstad Regatta, ZHRB, De Hoop, KPN-Watersportbaan,
Harkstede, Groningen 21/22 april 2001]

25e Randstad Regatta | 2001
 
Het ongelijk van kritikasters over Harkstede
Opmaat voor een aftastend seizoen

De Bosbaan wordt verbreed; wedstrijden in Amsterdam zijn taboe. De Randstad Regatta week uit naar de KPN-watersportbaan in Harkstede. Men trof goed weer, een zonnetje en windje mee.
Vele nog niet scherpe baanrecords werden verbeterd, hoewel van aansprekende baanrecords nog geen sprake kon zijn. Dirk Lippits en Anneke Venema toonden zich de beste eenlingen, dat was voor de streep al duidelijk. Strijd tot op de streep zagen we gelukkig in menige wedstrijd. Al met al een boeiend weekend, op en rond een boeiende waterbak, waar de infrastructuur nog duidelijk verbetering behoeft. De equipe perspectieven zijn nog vaag temeer daar niet iedereen aanwezig was, maar ook omdat de prestaties te broos waren voor duidelijke vooruitzichten.

Droog weer met een zonnetje en meewind, dat is toch wat over het algemeen als wenselijk wordt beschouwd bij roeiwedstrijden. Ondanks vele boze tongen werd de Randstad Regatta met dit weerbeeld gezegend.
En aangezien de baanrecords op de KPN-watersportbaan nog niet allemaal zeer scherp staan, regende het dan ook baanrecords. Op de eerste dag (21/04) konden 13 nieuwe (inter)nationale records worden genoteerd.
Zeer scherpe tijden werden echter niet genoteerd, aangezien de veelbelovende tijden na de 1e kilometer in de 2e kilometer niet doorgezet konden worden, de meeste ploegen hadden daar meer moeite met het onstuimige water.
De opkomende wind in de loop van zondagmiddag leidde wel weer tot verbetering van een aantal baanrecords (10), totaal dus 23, maar spectaculair waren die records deze dag evenmin.
De tweede dag bracht ook KNRB-voorzitter Carel vd. Driest (Maas - geen KMHB dit jaar - niet naar Groningen) naar de KPN-watersportbaan, om te constateren dat het toch wel een lekkere roeibak was met zonnetje en windje mee. vd. Driest zal overigens de derde week van mei nog eens terug komen als zijn kampioenschappen (deel equipe is dan in Essen) in Groningen gehouden worden, tezamen met de Martini-regatta.
Ook opvallend natuurlijk, dat het programmaboekje voor het eerst per ploeg, naast de verenigingsnaam en plaats in de boot ook de volledige namen per ploeg vermeldde, dus volledige achternaam èn voornaam, toch een vooruitgang!
Tenslotte over de baan en omgeving; een haag van een paar meter hoogte rond het botenterrein zou al een heel andere indruk geven (zie bv. Duisburg achter de finish). En natuurlijk is de infrastructuur op de KPN-watersportbaan nog steeds ver onvoldoende, maar een weedstrijdorganisatie weet dat ook, die zou aan tijdelijke infrastructuur nog meer kunnen doen (zie ook de KMHB, FISU en Masters in 1993 resp. 1994. Met een ander weerbeeld zou het erg slecht toeven zijn geweest bij de Randstad Regatta. Voor kamperen was het ook met dit weer nog wel een beetje koud.

Scullen.

mannen meer foto's (Java-applet)

Mannen
De pikorde na de eerste 2km wedstrijd werd vastgesteld. Alleen was van de mogelijke 2km kandidaten, Simon, Egelmeers, Cirkel, en Lippits, alleen Dirk Lippits (Thêta) aanwezig. Of zou de terug van weggeweest zijnde jonge Gijs Vermeulen (nu Nereus) die, evenals Benjamin Schuuring (Skadi), de Skifhead liet varen voor een boorduitstapje op het Amsterdam-Rijnkanaal, al in staat zijn een gooi naar de Randstad titel te doen? Vermeulen deed in de finale wel een poging met een bliksemstart, maar dat en het moeilijke water op de 2e km brak hem op (5e). Vrij snel had Dirk Lippits de koppositie ingenomen en stond die niet meer af. Halverwege leek een 7-plat haalbaar, maar het werden er uiteindelijk toch nog bijna 3 seconden meer (7.02.89). Terug voor aan het front en goed in vorm lijkt Alwin Snijders (Proteus), na zijn vijfde plek op de Skifhead nu een zekere tweede plaats op de eerste 2km-wedstrijd. Met Geert-Jan Derksen (Okeanos) moeten we in deze discipline nog even geduld hebben.
Vermeulen en Schuuring startten de volgende dag nog in de dubbeltwee; de winst was voor hen; de tegenstand was onvoldoende.

Zou het Gerard vd Linden (Skadi) dan toch lukken zich te revancheren voor zijn matige Skifhead? De wedstrijd zou moeten leiden tot een besluit over scullen of boordroeien. vd Linden kweet zich goed van zijn taak als favoriet voor de 2km-overwinning, al kreeg hij de overwinning niet cadeau, en al was hij natuurlijk blij met de overwinning, geheel tevreden met de tijd (7.13.87) was hij niet. Toch werd hij tijdens de wedstrijd tot het uiterste opgejaagd. En die tegenstand kwam verrassenderwijs van de nog maar net het junioren strijdperk verlaten hebbende Matthijs van Gool (Alkmaarsche), een kleine duivel die vd Linden in de laatste 500m tot het uiterste dreef; v Gool bleef op 1.7 seconden steken. Ronald Bakker Dirks (De Hoop) was, evenals op de Skifhead (3e) ook weer voorin te vinden met een derde plaats.
Dirk-Jan Voorn (Thêta), de lichte revelatie van de Skifhead (4e) had nog zichtbaar moeite in de eenzitter met de omschakeling naar 2km, hij werd vijfde.
Dylan van der Linden (Amstel) en Ivo Snijders (Nereus) beperkten zich tot de zondag waar ze in de dubbeltwee onvoldoende partij kregen en gemakkelijk de wedstrijd wonnen. Eind van de middag deden ze nog een oefening in de dubbelvier (een mogelijke lichte dubbelvier) tezamen met Dirk-Jan Voorn en Tristan Kramers die ook met ruime voorsprong afgesloten kon worden; geen slechte oefening als we tijd nog even buiten beschouwing laten.

vrouwen meer foto's (Java-applet)

Wat was er over nadat de laatste twee top-scullsters de riemen in de wilgen hadden gehangen? Een flinterdun veld, waarin nu Carin ter Beek (Proteus) en Anneke Venema (Gyas) het gat lijken te gaan opvullen, tezamen met de zich ook weer vooraan in de strijd mengende Femke Dekker (Nereus) en de zich (met nog veel moeite) tot het scullen bekeerde Hurnet Dekkers (Skøll). Aanvankelijk nog geen plannen tot starten in deze wedstrijd deed Anneke Venema dat toch en wist de rest verrassenderwijs achter zich te houden. Femke Dekker werd tweede op bijna twee seconden. Hurnet Dekkers was ook in de finale van de partij, maar moest nog veel toegeven.
Gesteund door de ervaring van Dekker kwam Dekkers de volgende dag uit in de dubbeltwee tegen Venema/terBeek; ruim verlies was er nog voor Dekker/Dekkers. Een dubbeltwee Venema/terBeek, of een dubbelvier inclusief Dekker/Dekkers lijkt het perspectief in de verte.

De lichte vrouwen begonnen de eerste dag in de dubbeltwee, waar de Olympia-gangers Marit van Eupen en Kirsten vd. Kolk (Nereus) geen partij hadden aan de lichte Proteus-dubbel (Hedi Poot, Judith van Os).
De Nereus-dubbel leek halverwege nog een goede tijd te scoren, maar ook zij ondervonden, net als meerdere andere ploegen, daarna teveel last van meerollende golven, en dus tijdverlies.
Zondags hadden we dus nog 1 scull hoofdnummer te gaan, de lichte vrouwen skif. Een zorgelijk geheel met van blessures herstelde, herstellende en nieuwe blessures oplopende lichte vrouwen.
De kersverse Skifhead winnares Kirsten vd. Kolk zakte voor haar eerste 2km-seizoen examen en ging na een verloren voorwedstrijd teleurgesteld huiswaarts. Daarmee hadden we nog niet genoeg drama. Tijdens de finale met 'natuurlijk' van Eupen aan de leiding, roeide Mariel Pikkemaat (Aegir) op een tweede positie, maar een reeds aanwezige sluimerende blessure werd te pijnlijk, en Pikkemaat moest even voor halverwege opgeven. Marit van Eupen (Nereus) leek wel weer 'boven jan' te zijn; ze won gedecideerd. De strijd achter haar eindigde ongemeen dicht op elkaar. Met z'n drieën binnen 0.7 seconde eindigen is op zich een prestatie: Aukje Zuidema (Skøll) eindigde als tweede, Hedi Poot (Proteus) derde, en Mirjam ter Beek (WIII, voorheen Phocas) vierde.

Boord-roeien meer foto's (Java-applet)


Mannen
In de lichte ongestuurde twee wonnen Robert vd. Vooren en Simon Kolkman (Euros) ruim voor de concurrentie. Hun maat van afgelopen jaar in de ongestuurde vier, Jeroen Spaans, vormt nu met Karel Dormans het lichte Thêta duo. Zij waren met Sjoerd Verhallen en Michiel van der Horst (Nereus/Skadi) de strijden duo's voor een tweede plaats, nipt in het voordeel van de Thêtanen beslist.
De volgende dag ging het en masse in de lichte ongestuurde vier. Daar was tweestrijd te voorzien tussen de Thêtanen, voornoemde twee met Joeri de Groot en als vierde man Gerard vd Linden winnaar van de lichte skif de vorige dag, en de combinatie met Verhallen/vdHorst aangevuld met Frank Al (Alkmaarsche) en Michiel van Eupen (Argo). Waar halverwege de zege duidelijk leek voor Theta/Skadi nam de andere combi nog geen genoegen met een tweede plaats. Het eindschot was echter net onvoldoende na 2km strijd, 0.8 seconden kwamen Al / Eupen / Verhallen / vdHorst te kort.
En wat vd. Linden betreft, hij won zaterdag scullend (nipt), hij was zondag onderdeel van de winnende (nipt) boordboot; hoe verder; we horen en zien het wel.

De zware roeiers, ofwel 'dicken' zoals onze Oosterburen ze noemen, deden het andersom; zij startten zaterdag eerst in de ongestuurde vier, De WillemIII-vier met Erwin Heeringa, Stephan v.Dongen, Jos Klinge, Derk Fontein, deden wat verwacht mocht worden: winnen van de rest; maar daar was het eigenlijk voor de dag wel mee gezegd; hun tijd (6.09.86) was erg matig, dat kon zelfs mannen-boord-coach Diederik de Boorder niet ontkennen. De Skøll-vier was de best of de rest.
Zondag kropen de zwaren als dunne vezels door het oog van de naald. In de ongestuurde twee mengde zich ook het lichte Euros-duo in de finalestrijd. Derk Fontein en Jos Klinge namen het initiatief in de wedstrijd, maar toen na 750m het andere blauwwit van Erwin Heeringa en Stephan van Dongen en het Euros-tweetal langszij kwam en voorbij, was hun verzet gebroken; en derhalve werd het een derde plaats. Lange tijd leek de winst onafwendbaar naar de lichten te gaan; nergens zag je zo'n verschil naast elkaar tussen snelle korte prikhalen van de lichten en langzame, en te lange halen van de zwaren. Toch slaagden Heeringa/vDongen er nog in het tempo en snelheid op te schroeven, zodat op de streep de zware eer gered werd, 0.08 seconde werd gemeten in het voordeel van de zware mannen. 'Oog van de naald'? 'We moeten het voor het publiek toch een beetje spannend maken!, aldus Heeringa breed grijnzend, en daar had ie wel gelijk in natuurlijk....

Over spannend of vermakelijk voor het publiek gesproken. Nadat op zaterdag de Nereus-acht het afsluitende nummer gewonnen had voor Skøll en Laga, was op zondag de challenge-acht als laatste nummer gepland. Racen met een tijdhandicap, dwz. de acht van geselecteerde deBoorder-roeiers kreeg bij de start 10 seconden achterstand op de andere deelnemende boten, de B-boot met Skøll's A-vier plus aanhang, de lichte combi, Nereus, de winnaar van zaterdag en waarempel Skøll's 2e jaars, de tweede van een dag ervoor. Daarvoor moesten ze wel ruim een half uur voor de wedstrijd hun boot opnieuw van de wagen halen en optuigen. En al was hun weekend niet zo geslagd geweest, in deze wedstrijd liep het als een trein; ze versloegen de lichte combi en hun verenigings A-vier met aanhang. Natuurlijk Luynenburgs' acht van Nereus zette een prachtrace neer, en kreeg blik omdat ze als eerste de eindstreep passeerden. DeBoorders'-acht was wel de snelste, maar had die 10 seconden niet weten goed te maken, het verschil met Nereus was slechts 2.6 seconden, vermakelijk?, of toch niet helemaal?

Vrouwen
Het verhaal van de vrouwen is snel verteld. Zaterdags traden Marijhe van Grieken en Abbie Steinhauser (Nereus), het zilveren Nations Cup-duo van twee jaar geleden, in het strijdperk tegen Christine Vink en Nine Badon Ghijben (Nereus/Laga). Grieken/Steinhauser winnen met 2.5 seconden. De overige tegenstand is ver weg.
Zondags roeit het in de vier met Elien Meijer (Orca) als vervanger van Steinhauser. De winst op Skøll's eerste boot is ruim vier seconden. Na een zilveren acht in Sydney is het dun geworden en gloort er in het vrouwen boordroeien voorlopig niet veel meer dan een niet-Olympische vier.

Junioren meer foto's (Java-applet)

Jongens en meisjes en ook de twee leeftijdscategoriën startten zo'n eerste dag ook allemaal in een ander boottype, zo hoort het. Daarom begint het op de zaterdag met de jongste kids in de skif. Adriaan vd. Zee (RIC) is niet in staat in de laatste 500m de aanval van Jerker Menninga (Hunze) af te slaan, zodat evenals tijdens de Skifhead Menninga sneller is als vd. Zee.
En evenals op de Head of the River bleven de Tromp-kids in de dubbelvier heer en meester. Een dag erna deden ze het in de dubbeltwee (Florian van 't Hoff en Olaf Bartels) nog dunnetjes over. Weliswaar kwam het Hoop-duo (Teun van der Kroef, Daan Hennemans, 2e en 4e Skifhead) vervaarlijk dichtbij, maar de aanval werd afgeslagen, toch nog duidelijke winst voor de Tromp-kids. Franciska Kiezebrink (RIC) won ook twee keer; zaterdags in de 15/16-categorie met haar verenigingsmaatje Ellen Maas, zondags bleek ze veruit de sterkste in de skif.

Van de 17/18-jarige meiden vochten de twee Leythe-bijtjes (het is nog even moeilijk ze te onderscheiden, de paardestaart maakt het verschil ongeveer) een onderling duel uit in de skif; Sophie Dirksmeier, winst op de Skifhead, moest hier haar clubgenote Mette Beugelsdijk voor laten gaan, 2.2 seconden was het verschil. Anne van Drumpt, zo snel in Delft, maar op de Skifhead afwezig, was nu weer van de partij, maar kon nog niet meedoen in de voorste linies. De dag erop stapten de meisjes in de dubbeltwee; en niemand zal verrast zijn dat de twee bijtjes Dirskmeier/Beugelsdijk (Leythe) ook hier wonnen, hoewel voor de winst hard gevochten moest worden met als voornaamste tegenstanders van deze dag Eeke Thomee en Rosanna v. Veen (DDS/De Hoop).

De jongens 17/18 vochten vochten de eerste dag in de dubbeltwee een verbeten strijd uit. De WIII-dubbel moest vanwege familiale omstandigheden verstek laten. De strijd ging daarop tussen Klatt/Schouten (Laak) en Sem Alberga met Thomas Notermans (Beatrix/Viking). Vijf boten waren redelijk aan elkaar gewaagd, maar boord aan boord streden beide voornoemde boten, met De Laak grotendeels een paar metertjes voor. En toch wisten Alberga/Notermans een geslaagde aanval te doen en De Laak met 1.2 seconden verschil naar de tweede plaats te verwijzen. Het Spaarne, Breda/Naut, Argo/Hunze kwamen daarna op steeds weer 2 seconden meer binnen.
Zondags stapten de jongens en masse in de skif, nu ook de WIII-ers en met aansprekend resultaat voor Stefan van de Schootbrugge. Want niet de winnaar in Delft, noch de Skifhead winnaar, in beide gevallen Anne Braaksma (Hunze), wist deze juniorenstrijd te winnen. In een fraaie leidende positie bracht Stefan van de Schootbrugge (WIII) de race tot een goed einde. De aanval in de eindfase van mede-favoriet Kelvin Klatt (De Laak) was niet sterk genoeg om vd Schootbrugge van de zege af te houden. Braaksma werd derde, net voor de tweede Laak-roeier Jaap Schouten.
Er stond later op de dag nog een dubbelvier wedstrijd op het programma. En voor Stefan vd. Schootbrugge zou de dag nog mooier eindigen. Samen met clubgenoot Camiel Hoorn en voornoemde Alberga en Braaksma vormden ze een dubbelvier die het opnam tegen het De Laak-duo Klatt, Schouten, Spaarne-roeier Erik Hattem, en Viking-roeier Notermans. De gehele wedstrijd roeiden beide ploegen boord aan boord, met de WIII-combi steeds licht in het voordeel, De uitslag liet ook even op zich wachten, maar toch, de WIII_combi kon de blikken halen.

Eerstejaars-achten meer foto's (Java-applet)

De Nereïden hadden met hun drie ploegen al drie keer blik getrokken in de Utrechtse klei. Wie was er nu aan de beurt? Gezien de uitslag van de Head was bij de vrouwen Skøll een mogelijke kandidaat in de beginnelingen wedstrijd. Halverwege de wedstrijd had Skøll zich inderdaad aan kop van de wedstrijd genesteld, het won de wedstrijd ook, kort gevolgd door Triton; thuisploegen Gyas en Aegir moesten het doen met 5/6e plaats.
Zou Nereus in de nieuwelingenwedstrijd meteen het tweede blik halen? Zou kunnen, ware het niet dat ploeg zo laat bij de voorwedstrijd kwam dat niets anders dan diskwalifikatie wachtte. Skøll, in dezelfde voorwedstrijd, werd hoogmoedig, maar werd als tol naar de B-finale verwezen! Skadi, de vorige dag slechts B-finale winnaar, maar wel met een goede tijd, bleek de snelste, nu voor Gyas, dat als tweede eindigde; Skøll werd slechts tweede in de B-finale; het kan verkeren.

Bij de lichten was, na Nereus, gezien de uitslagen van de eerdere klassiekers, Proteus of Skadi aan de beurt.... Inderdaad het werd Proteus dat het redelijk 'dunne' veld van lichte eerstejaars achten in de beginnelingen wedstrijd aanvoerde en tot een goed einde bracht; en Skadi werd tweede. En mochten eerstejaars ploegen al constant scoren, dan moest Proteus ook winnen vanwege hun tweede plaats op de voorafgaande dag in de nieuwelingen wedstrijd. Ook die wedstrijd had Proteus lange tijd geleid, maar Nereus beschikte over een beter eindschot, en troefde Proteus af; het tweede 2km blik voor Nereus.

Dat tweede blik voor Nereus gold ook de zware eerstejaars. Niet in de beginnelingen wedstrijd natuurlijk, waar nu voor de verandering eens niet een voor de hand liggende kandidaat won; Vidar, tijdens de klassiekers niet verder gekomen dan 7e/6e plaats won de beginnelingen wedstrijd, gevolgd door Skøll en in gesloten blok de rest.
Voor spektakel aan het einde van de tweede dag zorgden de eerstejaars zware achten in hun nieuwelingen wedstrijd. De Aegir supporters fietsten aanvankelijk voorop, ja Aegir leidde tot halverwege de wedstrijd; toen moesten ze zich enigszins terug laten zakken, teleurgesteld dat hun ploeg het niet zou halen, maar bewonderend blijven kijken wat zich eigenlijk op het water afspeelde. Een echte thriller, met bijna een gesloten pakt van zes boten die de laatste 500m in gingen. In een gesloten blok en binnen een kwart lengte verschil stormden zes boten op de finish af; Aegir moest genoegen nemen met de vierde stek; Skøll werd derde; en Orca dat zich op de Head ook al bewezen had, werd tweede, maar Nereus was en bleef de sterkere ploeg.

KPN-watersportbaan baanrecords


beeldmerk
Laatst gewijzigd: